#167: De terugval (deel 2)

Na de terugval van vorige week (zie blog #166) herstel ik best aardig. Na twee dagen bijna niks doen word ik weer een beetje normaal. Dat is goed nieuws, want in het verleden duurden die terugvallen wel drie tot vier weken. Mooi zo. Het is nu november 2020; iedereen in het land wordt inmiddels gestoord van de coronamaatregelen die elke vijf minuten veranderen.

In Friesland beginnen de besmettingen weer wat te dalen gelukkig. Ik ga maar rustig verder met af en toe een beetje (en dus niet veel) op de computer werken, af en toe een boodschap doen, en verder rustig aan doen. Het vijfde jaar van mijn burnout is inmiddels begonnen. Jezus wat lang. Al vier jaar wacht ik op de dag dat ik kan zeggen:“hee, ik had vandaag eigenlijk nergens last van”. Die dag lijkt niet te komen.

Op bezoek

Op een zondag ga ik een dagje naar het westen. Ik leg drie bezoekjes af aan enkele goede vrienden en vriendinnen in de omgeving van Haarlem. Het is voor het eerst sinds drie maanden dat ik weer die kant op ga. Ik ben bang dat de autorit te lang is, maar in de cruisecontrol gaat het heerlijk over de rustige 80-kilometerwegen.

(Advertentie)

Ik drink koffie en thee en het is gezellig. Even weer bijkletsen met iedereen, en iedereen een doosje met Dúmkes geven. Het gaat best goed. In de namiddag ga ik terug. De terugweg voelt veel langer aan en is niet zo leuk. Ik merk dat ik geen zin meer heb in het autorijden. Ik voel een soort nervositeit opkomen.

Ik moet opeens verschrikkelijk nodig naar de WC. Een grote boodschap komt in mij op. Ik stop bij een tankstation maar de toiletten zijn gesloten vanwege corona. Shit, wat moet ik doen? Ik rijd verder, maar kan het bijna niet meer inhouden. Ik word steeds nerveuzer en mijn hoofd begint te duizelen. Oh, ja, dat is waar ook: bij lichte stress kijg ik meteen weer allerlei lichamelijke klachten.

Dan kom ik bij een wegrestaurant dat dicht is maar de toiletten zijn gelukkig open. Pfoeh! Opluchting! Waarom krijg ik toch meteen angstaanvallen als ik nodig naar de WC moet? Oh ja, ik heb nog steeds een burnout en ik ben nog lang niet beter. De rest van de rit blijf ik nerveus. Ik eet bij de McDonalds in Harlingen want ik heb alleen een wortel in huis en de winkels zijn al dicht.

Ik heb alleen een wortel in huis en de winkels zijn dicht.
foto: ©2020 kakikhebeenburnout.nl

Ik blijf een paar dagen nerveuzig. Hè bah, er komt maar geen rust in mijn lichaam. Ik koop een paar zakken uitdeelsnoep want het is bijna 11 november: Sint Maarten. Ik eet al het snoep zelf op. Als ik mezelf niet prikkel en niet snoep dan voel ik me nóg nerveuzer, zoals ik vorige week al schreef. Twee dagen later word ik super onrustig wakker. Dit gaat niet goed.

Ik ga uit bed en stap in de auto om een rondje te gaan rijden. Het is enorm mistig en maak wat mooie foto’s van mistige landschappen en boerderijen. Ik rijd verder en draai het prachtige nummer Ederlezi van Goran Bregović in de auto. Op het moment dat het koor begint te zingen ontplof ik.

Voor de zoveelste keer stort in compleet in. Ik moet zo hard huilen dat ik moet stoppen met autorijden. Ik huil om mijn moeder. Mam waar ben je? Ik huil omdat ik helemaal alleen in de mist in Friesland rijd. Ik huil omdat alles te veel voor me is. Ik kan nergens tegen en ik ben overspannen. Ik blijf maar huilen, een half uur lang.

Ik rijd weer terug naar huis maar ik wil niet naar binnen. Dit is niet mijn huis. Ik wil terug naar mijn échte huis, in Haarlem. Ik wil hier niet wonen. Ik heb hier niets en ik heb hier niemand. Ik ga toch maar naar binnen. Elke paar minuten moet ik weer huilen. Ik krijg hoofdpijn en keelpijn van het huilen. Wat is het een vreemd gevoel zeg, als je bang bent om je eigen huis binnen te gaan. Dit heb ik nog nooit eerder meegemaakt.

Terug naar af

Ik had zin om op visite te gaan bij mijn vrienden. Ik had ook weer plannen om te gaan skiën en om leuke dingen te gaan doen op de computer. Filmpjes maken, apps maken. Maar ik kan het niet. Ik word steeds maar weer afgestraft door mijn lichaam als ik een klein beetje meer wil doen.

Wat ik ook doe, de spanning neemt toe en dan ontplof ik weer. Alsof ik nooit meer ergens tegen kan. Hoe moet dit nou verder? Hoe moet ik nou ooit weer gaan werken? Hoe moet ik nou ooit weer liefde vinden? Het is onmogelijk. Ik zit in een gevangenis.

Aan mijn psycholoog had ik de laatste keer gezegd dat ik me eens een beetje zou gaan oriënteren op vrijwilligerswerk. Dat schaf ik bij deze meteen weer af. Ik kan nergens tegen. Wat ik ook doe. Wandelen, fietsen, uitstapjes, visite, computeren, administratie, leuke dingen, het maakt niet uit. Ik krijg ALTIJD een terugval.

Langzaam opbouwen, stapje voor stapje, wees blij met wat je hebt. Maar ik kan zo langzamerhand niet meer blij zijn met wat ik heb. Ik heb niks, ik heb al vier jaar niks, ik kan al vier jaar niks en het vijfde jaar is nu begonnen. Ik wil in Friesland leuke wandel- en fietsroutes verkennen. Ik wil gaan daten. Ik wil wat opbouwen om weer wat geld te verdienen. Maar het gaat niet. Het gaat gewoon niet.

(Advertentie)

Alle vooruitgang ten spijt, het blijft een klerezooi. Telkens als ik denk dat ik de goede kant op ga, volgt er weer een klap, en beleef ik mijn burnout weer opnieuw. Een burnout bestaat niet uit een instorting en dan beter worden. Een burnout bestaat uit eindeloze instortingen en terugvallen die telkens maar weer terugkomen op het moment dat je nèt denkt dat het wat beter gaat. Telkens als je weer wat hoop krijgt, wat uitzicht, wat licht aan het einde van de tunnel. Telkens als je denkt dat het ergste nu wel voorbij is.

Ik ben meteen weer bang dat ik nooit meer beter wordt en nooit meer iets kan. Dat dit het is, voor de rest van mijn leven. Die fucking klote angsten, ik wil er vanaf. Maar de enige “oplossing” is het inzetten van anti-depressiva en die rotzooi wil ik niet meer. Daarmee onderdruk ik alleen maar symptomen en dan ga ik weer werken en dan lijkt alles okee te zijn maar over een jaar is het dan helemáál afgelopen met mij.

Alle spanningen en emoties komen er weer uit. Ik zal nu weer moeten gaan niksen, slapen, rusten en afwachten. Afwachten, tot deze hel voorbij is. Om positief te eindigen: deze terugval zal waarschijnlijk ook maar een dag of twee duren, net zoals de vorige. En dat is een hele verbetering ten opzichte van de eerste paar jaren van mijn burnout.

Volgende keer

Volgende keer deel drie van deze terugval.

Bekijk reacties op deze blogpost of reageer zelf via Instagram.